PMT verkoopt 19 olie- en gasbedrijven die onvoldoende klimaatcommitment tonen. Toch blijft PMT zoeken naar voorlopers. Maar bestaan die?

maandag 14 november 2022

Een week na pensioenfonds PFZW, laat ook pensioenfonds PMT weten dat het een aantal olie-en gasbedrijven heeft uitgesloten. De reden? De bedrijven hebben geen ambitie uitgesproken om hun uitstoot tegen 2050 naar netto nul terug te brengen. In september 2021 kondigden 2 pensioenfondsen (PH&C en PME) aan dat ze uit de olie-en gassector waren gestapt. PH&C sluit sindsdien bedrijven uit die betrokken zijn bij de productie van olie en gas als deze activiteiten meer dan 50% van de omzet uitmaken. PME zegt volledig uit gaswinning en -distributie te zijn gestapt. Ook ABP kondigde kort nadien aan dat het zijn beleggingen in producenten van fossiele brandstoffen stapsgewijs zou verkopen. De drie fondsen gaven aan geen potentie tot verandering te zien binnen deze sector. PFZW en PMT daarentegen geloven daar nog wel in. Ze stellen eisen aan de olie- en gasbedrijven waarin ze beleggen. Die eisen scherpen ze geleidelijk aan. PMT zegt na de zomer van 2023 alleen nog maar in voorlopers te gaan beleggen. Maar bestaan die wel? We zoeken het voor je uit.

PMT stapt uit achterblijvers
PMT stapt uit bedrijven zoals Chevron, ExxonMobill, Halliburton; Lukoil; Novatek; Petrobras; Petronas; Phillips 66; PTT. Daar zitten enkele grote namen bij, niet enkel berucht voor hun desastreuse impact op klimaat en biodiversiteit, maar ook op mensenrechten. Deze stap is dan ook toe te juichen. PMT communiceert transparant over het versterkte engagementprogramma op klimaat (praten met olie-en gasbedrijven) dat ze dit jaar hebben ingezet. In de engagementlijst van 2021 en het jaarverslag van PMT lezen we dat de voornaamste reden voor desinvestering is dat deze bedrijven ‘’geen kwalitatieve net zero ambitie hebben gedefinieerd voor scope 1,2 en 3 uitstoot’’. Met andere woorden 7 jaar na het klimaatakkoord van Parijs hebben deze bedrijven 0 ambitie getoond om hun bedrijfsstrategie aan te passen.

Wie zijn volgens PMT de potentiële voorlopers?
In diezelfde engagementlijst uit 2021 lezen we dat onder andere de volgende bedrijven het predicaat voorloper hebben gekregen: BP, Equinor, Conocophillips, Devon energy, ENI, Lundin, Repsol, Santos, Schlumberger, Shell, TotalEnergies. Intussen spreekt PMT  voorzichtiger over potentiële voorlopers en nog te identificeren voorlopers. Onder de kandidaten zitten een paar opmerkelijke namen.

 PMT’s potentiële voorlopers hebben geen plannen in lijn met een 1,5 graden pad
De enige reden waarom PMT deze bedrijven voorlopers noemt en vooralsnog niet uitsluit, is dat ze een net zero ambitie hebben uitgesproken voor 2050. PMT eist dat deze bedrijven tegen eind 2023 reductiedoelstellingen publiceren, actieplannen opstellen en volgens internationale standaarden rapporteren. Hebben ze dat niet gedaan, dan kan het fonds tot uitsluiting overgaan. PMT erkent dat voor veel van deze bedrijven die ambities (nog) niet in lijn zijn met een 1,5 graden pad volgens het Transition Pathway Initiative (TPI). Vaak ontbreekt ook een doel voor scope 3 uitstoot. Deze uitstoot, veroorzaakt door het verbruik van hun producten, omvat net voor olie-en gasmaatschappijen het grootste deel van hun uitstoot. Ook beoordeelde PMT zelf de huidige klimaatplannen van Shell en TotalEnergies niet als ambitieus genoeg en stemde in beide gevallen tegen hun klimaattransitieplan dit jaar.

PMT’s potentiële voorlopers investeren volop in expansie van fossiel
Er is brede consensus dat het ontwikkelen van nieuwe olie- en gasvelden niet mogelijk is binnen een scenario met maximum 1,5 graad opwarming. De recent geüpdatete Global Oil &Gas Exit List" (GOGEL) laat echter zien dat 96% van de olie- en gasbedrijven nog steeds aan het uitbreiden zijn.

Komen de potentiële voorlopers van PMT dan beter uit de verf in GOGEL? Nee, helaas ook niet. De PMT-voorlopers:

  • Zijn allemaal betrokken bij een of meerdere controversiële manieren van olie- en gasproductie zoals schaliegaswinning; boren rond de Noordpool of extreem diep-water boren.
  • Hebben stuk voor stuk uitbreidingsplannen en zitten met deze uitbreiding op een overschrijding van het IEA net zero pad, variërend van 34% overschrijding tot 84,9%.
  • Laten nog geen gevarieerde bron van inkomsten zien. Inkomsten komen gemiddeld voor 90-95% uit fossiele bronnen, met 2 uitschieters naar 100%.
  • Zijn allemaal, op 1 uitzondering na, betrokken bij controversiële projecten gelinkt aan onder meer natuurvernietiging, rechtszaken of mensenrechtenschendingen.

Conclusie
PMT heeft een goede eerste stap gezet door 19 bedrijven in de olie-en gassector uit haar portefeuille te verwijderen. Ook Is PMT erg transparant over haar engagementprogramma. PFZW zou hier een voorbeeld aan kunnen nemen en de namen van de bedrijven waarop het engagementprogramma gericht is, te publiceren (zie hier ons artikel over PFZW). Wel blijft PMT in gesprek met 23 zogenaamde “potentiële voorlopers”. Wij vinden de terminologie potentiële ‘’voorlopers’’ wel erg optimistisch gezien hun huidige betrokkenheid bij controversiële en erg vervuilende manieren van olie-en gaswinning; hun uitbreidingsplannen en afhankelijkheid van fossiele inkomstenbronnen.

Wij vragen PMT in gesprekken met de 23 resterende bedrijven duidelijk te maken dat:

  • De ontwikkeling van nieuwe olie- en gaswinning incompatibel is met een wereld die binnen de 1,5 graad opwarming probeert te blijven.
  • Ze hun betrokkenheid bij de exploratie naar en ontwikkeling van nieuwe olie- en gaswinning moeten beëindigen.
  • Aanhoudende betrokkenheid bij olie- en gasexpansie zal leiden tot uitsluiting in 2023.

 

Barbara Oosters

Written by Barbara Oosters

Projectleider Eerlijke Bankwijzer (Oxfam Novib)

Thank you for submitting

Your message has succesfully been placed

×