Blog: Pensioenfonds PME en Metaal en Techniek stoppen met bont

dinsdag 26 mei 2020

Nu wij ons allen moeten aanpassen aan de maatregelen van de wereldwijde Covid-19-pandemie wordt de verbondenheid van het lot van mens en dier steeds  evidenter. Het coronavirus is immers overgesprongen van dier op mens, zo hebben onderzoekers bevestigd. Het is belangrijk om te weten dat maatregelen die goed zijn voor dierenwelzijn doorgaans ook helpen om de risico’s van zogenaamde ‘zoönosen’ te beperken. Uit ons onderzoek blijkt dat de tien grootste pensioenfondsen allen een 1 scoren op het gebied van dierenwelzijn. Waarom doen pensioenfondsen weinig tot niets aan dierenwelzijn zodat niet alleen gezondheid en welzijn  van dieren maar ook die van mensen worden beschermd?

Het probleem
Ken je de serie Tiger King (Netflix)? Dan weet je hoe er met wilde dieren wordt gesold. Dat gebeurt niet alleen door excentriekelingen als Joe Exotic, maar ook door grote bedrijven zoals Sea World. Momenteel hebben pensioenfondsen geen beleid om te voorkomen dat zij beleggen in dergelijke bedrijven die dierenleed veroorzaken. Daarmee lopen ze niet alleen kans te investeren in bedrijven in de entertainmentindustrie, maar ook in bedrijven die wilde dieren op grote schaal exploiteren voor hun bont, in bedrijven die onaanvaardbare dierproeven doen of die massaal dierenwelzijn schaden bij de productie van vlees, zuivel en eieren.

Uit recent onderzoek van de Eerlijke Geldwijzer blijkt dat de tien grootste pensioenfondsen voor 3,4 miljard euro beleggen in 22 van de 30 onderzochte hoogrisicobedrijven in de keten van vleesproductie- en consumptie. Zo investeren zij bijvoorbeeld in vleesgigant Tyson Foods of fastfoodreus Mc Donalds. Deze bedrijven gebruiken plofkippen en kooivarkens (varkens die in krappe kooien zijn opgesloten waarin ze letterlijk hun kont niet kunnen keren). Nederlandse pensioenfondsen zijn direct verbonden met het lijden van talloze dieren in de vee-industrie, in landen als de Verenigde Staten, China, Brazilië en Oekraïne.

 De chronische stress, pijn en het fysieke ongerief  heeft een grote invloed op dieren die, net als mensen, respect en bescherming verdienen. Dieren die blootstaan aan chronische stress zijn niet alleen eerder vatbaar voor ziekten, ze verspreiden ook meer ziektekiemen. Deze inhumane praktijken brengen dus ook nog eens grote gezondheidsrisico’s voor mensen met zich mee.

Wat gaat er goed?
PME, PMT en BPL Pensioen, zijn de enige pensioenfondsen die enig beleid hebben ontwikkeld voor dierenwelzijn. Deze pensioenfondsen hebben besloten om niet langer te beleggen in bedrijven die betrokken zijn bij de productie van bont. Dit is een eerste stap in de goede richting . Maar meer stappen zijn dringend nodig.

Wat kan er verbeteren?
Om het lijden van dieren te verkleinen en het risico op nieuwe virusuitbraken te beperken moeten de industriële productie van dieren en de commerciële handel in (wilde) dieren aan banden worden gelegd. Het is van groot belang dat pensioenfondsen in rap tempo een beleggingsbeleid rond dierenwelzijn ontwikkelen. Pensioenfondsen  zouden, als zij al willen investeren in één van deze sectoren, een investeringsbeleid moeten hebben dat recht doet aan het welzijn van dieren en dat verder gaat dan het zich enkel houden aan de bestaande wetgeving. Dat laatste ook al omdat in sommige landen op dit vlak helemaal geen wetgeving ís. Pensioenfondsen zouden concrete, dierenwelzijnsstandaarden in hun beleid moeten opnemen en de bedrijven waarin zij investeren moeten overtuigen dat zij moeten afstappen van legbatterijen, plofkippen, kooivarkens en ander schrijnend dierenleed. De uitsluiting van bedrijven in de bontindustrie door BPL Pensioen, PME en PMT is een kleine maar hoopgevende stap in de goede richting.

Wij hebben geen keuze over bij welk pensioenfonds wij sparen, maar wij kunnen wel onze stem laten horen. Roep jouw pensioenfonds op om zijn beleggingsbeleid aan te passen!

 

 

Thank you for submitting

Your message has succesfully been placed

×